Digitaal Afrikaans: Internet en de Afrikaanse literatuur

  • 0

De digitalisering van de Afrikaanse letterkunde is nog altijd in volle gang. Het proces dat ruim 15 jaar geleden in gang is gezet met ondermeer de oprichting van litnet.co.za, Wikipedia, de website van het Zuid-Afrikahuis en de Digitale Bibliotheek der Nederlandse Letteren (DBNL) loopt nog elke dag door. Dagelijks komt er nieuwe content bij. Teksten zijn wereldwijd voor iedereen bereikbaar en nieuwe literatuur is met een muisklik beschikbaar.

Dat zijn de bevindingen bij het Symposium Digitaal Afrikaans: Internet en de Afrikaanse literatuur. Op vrijdag 21 maart hielden de Commissie voor Zuid-Afrika van de Maatschappij der Nederlandse letterkunde en het Afrika-Studiecentrum een klein symposium over de digitalisering van de Afrikaanse letterkunde.

Het publiek bestond uit ongeveer veertig mensen met diverse achtergronden. Naast de leden van de commissie waren er studenten, docenten, bibliothecarissen, documentalisten en belangstellenden aanwezig. De bezoekers kwamen uit Nederland, Vlaanderen, Zuid-Afrika en de Nederlandse Antillen.

Motoren en helikopters

Eep Francken opende de bijeenkomst namens de Commissie voor Zuid-Afrika van de Maatschappij der Nederlandse letterkunde. Hij vertelde dat hij kortgeleden bij de uitverkoop van De Slegte was in Leiden. De winkel is onderdeel geworden van Polare. Ook deze boekenhandelketen met meer dan twintig winkels in Nederland is onlangs failliet gegaan.

Aan een kast zag Eep Francken een krantenknipsel uit 1985 wapperen. Op het knipsel staat het verhaal hoe drie uitgeverijen strijden de eerste te zijn met het boek over de Elfstedentocht. Een verhaal van motors en helikopters om de kopij zo snel mogelijk over te brengen.

Een onderwerp dat in deze tijd van digitalisering niet opgaat. 'Al is het natuurlijk de vraag of de digitale versie in onze tijd eerder zou zijn verschenen', aldus Eep Francken. Hij had nooit verwacht ooit nog een symposium te organiseren rond dit onderwerp.

litnet.co.za

LitNet-medewerker Hendrik-Jan de Wit beet het spits af. Hij vertelde over het ontstaan van LitNet. Dit deed hij aan de hand van het eerste artikel van oprichter Etienne van Heerden. Op 11 januari 1999 (15 jaar geleden) maakte hij een begin met "die boekehuis met baie wonings".

Al snel veranderde dit in "die huis met baie wonings" omdat naast boeken en literatuur ook andere onderwerpen aan bod kwamen zoals muziek, theater en beeldende kunst. Daarmee veranderde LitNet van een "boekejoernaal" in een cultuurjournaal.

Biegblogs en hygliteratuur

Daarnaast lichtte Hendrik-Jan de Wit toe waar Nederlandse studenten, onderzoekers en belangstellenden veel informatie kunnen vinden. Zo stipte hij kort het ATKV-Skrywersalbum, de LitNet Akademies, biegblogs en natuurlijk de sectie Nederlands over Nederlandse literatuur aan waarvoor hij zelf regelmatig een bijdrage levert. En niet te vergeten het pikantste onderdeel: de hygliteratuur.

In de discussie na de presentatie waren er veel vragen over de verschillende archieven van LitNet en of het mogelijk is deze met elkaar te verbinden. Daarnaast gaven de aanwezigen aan het heel fijn te vinden als de lemma's in het Skrywersalbum naar alle informatie over de auteur op internet verwijzen. Zo blijft het overzicht behouden. Ook waren er vragen over  LitNet Akademies zoals of er ook sprake is van peerreviews bij de beoordeling van de artikelen. Dat is inderdaad het geval, zie hiervoor de LitNet Akademie.

Zie ook: litnet.co.za

Corine de Maijer over het Zuid-Afrikahuis

zuidfrikahuis.nl

Corine de Maijer, bibliothecaris van het Zuid-Afrika Huis in Amsterdam, vertelde over de boekencollectie en de ontsluiting daarvan op internet. Het Zuid-Afrika Huis heeft ondanks het beperkte budget veel tot stand kunnen brengen mede dankzij subsidies en medewerking van vrijwilligers.

Sinds 2009 is het fotoarchief van het Zuid-Afrika Huis digitaal te raadplegen en hebben alle foto's beschrijvingen gekregen. Het fotoarchief is eveneens beschikbaar op de website geheugenvannederland.nl. De bibliotheek van het Zuid-Afrika Huis is onderdeel van Adamnet, Digitale Bibliotheek Amsterdam, een zoekmachine voor tien bibliotheken. Dat levert veel nieuwe gebruikers op. Hetzelfde geldt voor de toetreding tot de Nederlandse Centrale Catalogus. Daarmee is de bibliotheekcatalogus van het Zuid-Afrika Huis wereldwijd te raadplegen.

Website

Al deze informatie is beschikbaar via de website. Het Zuid-Afrika Huis heeft sinds 1998 een eigen website. Bij de laatste revisie van de website, is de statische pagina losgelaten en heeft deze plaatsgemaakt voor een pagina met nieuwsberichten, die wekelijks ververst wordt. Scholieren kunnen nu ook veel informatie op de website vinden voor hun profielwerkstuk, op een speciaal ontwikkelde pagina hiervoor.

Ook is het Zuid-Afrika Huis op verschillende sociale media actief. Elke dag wordt er wel een bericht op de facebookpagina geplaatst of een tweet met interessant nieuws.

Momenteel werkt het Zuid-Afrika Huis aan een mobiele website. Zo is de website beter te bekijken vanaf een mobieltje. Een andere uitdaging ligt in de digitale ontsluiting van het archief. Er liggen honderden meters archief in het Zuid-Afrika Huis. Het is de vraag wat en hoeveel digitaal beschikbaar moet zijn. Dit project is iets voor in de toekomst.

Zie ook: zuidafrikahuis.nl

Publiek luistert aandachtig

Wikipedia.org

Hans Muller, huiswikipediaan, vertelde over de mogelijkheden van Wikipedia met betrekking tot de Zuid-Afrikaanse literatuur. Eerst gaf hij een korte introductie over Wikipedia, de open encyclopedie waaraan iedereen een bijdrage kan leveren. De encyclopedie is in 280 talen beschikbaar.

Daarna ging hij wat dieper in op de positie die het Afrikaans in neemt op Wikipedia. Het staat op de derde plaats met bijna 30.000 artikelen in de lijst van alle Afrikaanse talen die op Wikipedia staan. Het aantal sprekers van de taal staat minder hoog in de ranking van Afrikaanse talen. Swahili en Hausa hebben meer sprekers, maar het aantal artikelen ligt lager bij deze talen.

Niet in het Afrikaans

Wat betreft de beschikbaarheid van schrijvers op de Afrikaanse Wikipedia, had Hans Muller wel wat aan te merken. Het viel hem op dat veel Afrikaanse schrijvers geen artikel in het Afrikaans hebben, maar wel in het Engels of Nederlands. Hier is veel te winnen, vond de huiswikipediaan. Voor mensen in Nederland die het Afrikaans goed beheersen, kan de afstand juist goed helpen bij het opstellen van een goed lemma. "Je wordt dan niet gehinderd door een tunnelvisie van als je er midden in zit."

Daarnaast merkte Hans Muller op dat er weinig beeldmateriaal beschikbaar is van Zuid-Afrikaanse schrijvers op Wikipedia. "Het is heel eenvoudig als je met een groepje mensen afspreekt een foto te maken van de schrijver als je hem tegenkomt bij een evenement of signeersessie. Antjie Krog verdient wel een betere foto dan die er nu staat." Ook is er wel een uitdaging voor het lemma van Afrikaanse literatuur. Deze is nu gebaseerd op de sterk verouderde literatuurgeschiedenis van Rob Antonissen uit 1955.

Zie voor de presentatie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Wikipedia:GLAM/Wikipedians_in_Special_Residence/Afrika-Studiecentrum/Afrikaans_en_wikipedia#Lezing_voor_Digitaal_Afrikaans

Wikipedia in het Afrikaans: af.wikipedia.org/

Cees Klapwijk over de DBNL

DBNL

Cees Klapwijk, directeur van de Digitale Bibliotheek der Nederlandse Letteren, sprak over de Afrikaanse literatuur in de DBNL. De DBNL bevat van origine al veel teksten van en over Zuid-Afrika. Zo zijn de Daghregisters van Jan van Riebeeck, gouverneur van de Kaapkolonie en stichter van Kaapstad te raadplegen via de DBNL. Daarnaast is de uitgave uit 1983 van de Literatuurgeskiedenis van J.C. Kannemeyer er in te vinden.

Eerst legde Cees Klapwijk de werkwijze van de DBNL uit. De DBNL is sinds 2000 operationeel. Er zit een kleine organisatie achter. Op dit moment bevat de DBNL tussen de 3,5 en 4 miljoen teksten. Maandelijks groeit de DBNL met ongeveer 30.000 pagina's. De teksten worden ingescand en in het Verre Oosten omgezet naar foutloze xml-bestanden. Iedere dag telt de website meer dan 20.000 unieke bezoekers. Elke maand raadplegen bezoekers ongeveer 80 miljoen pagina's. Veel bezoek aan de DBNL is afkomstig uit Zuid-Afrika, vertelde de directeur van de digitale bibliotheek.

Betrouwbaar

De kracht van de DBNL is de betrouwbaarheid van de teksten. "We werken onder redactie, waardoor we fouten goed kunnen herstellen," legde Cees Klapwijk uit. De DBNL is voor het hele Nederlandse taalgebied, waar het Afrikaans ook onder valt. Voor Zuid-Afrika wordt sinds 2006 op eigen initiatief een eigen collectie ontwikkeld.

Het online plaatsen van Zuid-Afrikaanse teksten werkt anders dan het plaatsen van Nederlandse teksten. Dat komt omdat in Zuid-Afrika het auteursrecht bij de uitgever blijft. Daardoor moet de DBNL bij de uitgevers toestemming vragen. Deze hebben andere belangen dan auteurs. Dat vraagt om een andere benadering. Er liggen nog veel boeken "onder water", vertelde Cees Klapwijk. Dat is materiaal dat nog op toestemming tot online publicatie wacht.

Op dit moment werkt de DBNL hard aan het eenvoudiger ontsluiten van alle Afrikaanstalige literatuur en van aan Zuid-Afrika verbonden artikelen. Daarvoor wordt een eigen afdeling gemaakt die binnenkort online gaat,  verklapte Cees Klapwijk. Hij gaf zijn publiek al een klein inkijkje. De overzichtspagina maakt het makkelijker om de vele Afrikaanse teksten te vinden en krijgt eenzelfde soort indeling zoals de overzichtspagina's voor de Nederlandse, Friese, Surinaamse, en Limburgse literatuur al hebben.

DBNL voor Afrikaans

Cees Klapwijk vertelde over zijn bezoek aan Zuid-Afrika in 2010. In Pretoria sprak hij met Heilna du Plooy, professor in Afrikaans en Nederlands. "Wat wij nodig hebben is een DBNL voor het Afrikaans," zei ze. Het is een lange weg om dit doel te bereiken, vond Klapwijk. Het vraagt om een plan van aanpak, geld en samenwerking met verschillende partners, waar zijns inziens ook LitNet en de uitgevers belangrijke partijen zijn. Duidelijke criteria bij wie te beginnen. Zo zijn de auteurs die prijzen hebben gewonnen, zoals de Herzog-prijs, een goed uitgangspunt. Het begin is er, maar er is nog een lange weg te gaan.

Wie nu al grasduint door de DBNL zal een schat aan Afrikaanse literaire teksten vinden. Zo staan de Versamelde gedigte van C. Louis Leipoldt allemaal online. Net als dat een deel van de poëzie van Elisabeth Eybers te vinden is op dbnl.nl. Het zijn allemaal stappen naar een DBNL van het Afrikaans. Het zijn allemaal componenten voor een digitale bibliotheek voor het Afrikaans.

Zie ook: www.dbnl.org

Besluit

Gastheer Jos Damen van het Afrika-Studiecentrum in Leiden sloot af met de conclusie dat er op digitaal gebied veel te vinden is in het Afrikaans. De mogelijkheden liggen in de samenwerking. Dit symposium sluit helemaal aan bij die gedachte. De ontmoeting van veel Zuid-Afrikanen, Nederlanders en Vlamingen gaf de bijeenkomst een internationaal karakter. Dat biedt veel kansen voor de toekomst.

Almere, 25 maart 2014


Lees wat skryf Eep Francken oor die geleentheid.

  • 0

Reageer

Jou e-posadres sal nie gepubliseer word nie. Kommentaar is onderhewig aan moderering.


 

Top